Opvoeding

De pup is ongeveer 8 weken wanneer hij bij u in huis komt en moet dan nog 4 maal per dag gevoed worden. De fokker zal u een dieetlijst mee geven waar u zich het best aan kunt houden totdat de hond op zo’n twee maaltijden per dag zit.

De overgang van het vertrouwde, warme nest maar een nieuwe, onbekende woonomgeving is voor een pup van die leeftijd al moeilijk genoeg en hij kan daarbij niet nog eens een verandering van menu verwerken. Wanneer de hond een maand of negen is zit hij op het dieet, zoals dat gebruikelijk is voor een volwassen hond. Wanneer u dan van voeding wenst te veranderen, doe dat dan geleidelijk (over een periode van 3 á 4 weken) zodat de hond de gelegenheid krijgt er aan te wennen.

Voor hem is zijn eten nu eenmaal één van de grootste genoegens van zijn leven, dus probeer een menu te vinden waar ook hij zich prettig bij voelt en dat niet alleen makkelijk is voor de baas. Zorg er altijd voor dat hij een volledig hondenvoer krijgt. Twijfelt u, dan kunt u altijd uw dierenarts of de fokker raadplegen.

DIERGENEESKUNDIGE VERZORGING
Wanneer de pups bij de fokker weggaan, hebben zij de voorlopige inentingen gehad. De fokker zal u een entschema meegeven. Pups worden met 2, 4, 6, en 8 weken ontwormd daarna elke twee maanden tot ze een half jaar oud zijn. Volwassen honden moeten twee maal per jaar ontwormd worden.

Een Engelse cocker is over het algemeen een sterke, gezonde hond, zeker wanneer hij een goede verzorging geniet. Ondanks dat blijven er natuurlijk altijd kwalen die op een kwaad moment de kop op kunnen steken; ziekten, parasieten (wormen), insectenbeten, infecties of verwondingen. Veel ziekten kunnen worden voorkomen door tijdige inentingen. Parasieten als vlooien en luizen moet men evenmin hun gang laten gaan. Wanneer de hond last heeft van vlooienbeten, doet u er goed aan een bestrijdingsmiddel toe te passen (speciaal voor de hond uiteraard), voordat hij, door constant krabben open plekken of eczeem veroorzaakt. Wat betreft verwondingen kan men stellen, dat elke EHBO-maatregel die men bij de mens zou toepassen, ook geschikt is voor uw huisdier. De dierenarts kan bepalen wat er daarna eventueel moet gebeuren.

Controleer zelf regelmatig oren en ogen: de ogen moeten schoon en helder zijn en de oren mogen geen onaangename geur afscheiden. Stap bij problemen altijd naar uw dierenarts en pruts er niet zelf aan, daar zijn het te belangrijke organen voor.

Ook moeten we de ontlasting van de hond in de gaten houden. Dit is een goede graadmeter voor de gezondheid van de hond. Het is daarom raadzaam de hond op jonge leeftijd niet te dik te laten worden (je moet de ribjes net nog kunnen zien) en te veel of geforceerde bewegingen te laten maken (zoals op jonge leeftijd aan de fiets lopen).

OPVOEDING VAN UW PUP
Let er bij het uitzoeken van de cursus op dat de nadruk tijdens de lessen ligt op de aandacht relatie baas-hond en op het begeleiden van het hondje, zeker ten aanzien van contact met andere honden. U zult veel moeten spelen met uw hond, zowel binnen als buiten. Spelen met andere honden mag, maar dan uitsluitend als u dat goed vindt.

Als het even kan, moet u direct starten met een puppycursus als u het hondje heeft opgehaald. Als dat niet mogelijk is, moet u zelf vast beginnen met een aantal zaken, zoals uitlaten, ‘s nachts alleen zijn, zindelijkheidstraining. Het leerprincipe van de Engelse cocker Spaniel is voornamelijk gebaseerd op belonen! De hond is geen mens dus schrijf hem dan ook geen menselijke gevoelens toe.

Het socialiseren van een pup is erg belangrijk. De socialisatieperiode is van 3 tot 12 weken. Dit is een beslissende periode in het leven van de hond, wil de hond zich ontwikkelen tot een geslaagd huisdier. De verantwoordelijkheid om te zorgen dat de pups gedurende 3de tot 6de week goed worden verzorgd en gesocialiseerd rust bij de fokker. Van uw kant moet u de fokker van uw pup zorgvuldig kiezen. Als u een pup koopt welke geen goede start heeft gehad, dan moet u de verloren tijd inhalen, door heel hard te werken aan de socialisatie.Vanaf het moment dat de pup met u mee naar huis komt, bent u verantwoordelijk voor de socialisatie, welke overigens niet ophoud na 12 weken, dit proces moet eigelijk doorgaan tot de volwassen leeftijd is bereikt. Socialisatie wordt steeds moeilijker als naarmate de hond ouder wordt, dus gebruik in ieder geval deze periode goed. Hoe meer u deze periode de hand aan ervaringen laat opdoen, hoe beter uw hond zal uitgroeien tot een aangepaste hond die elke situatie aan kan zonder angstig te worden. Indrukken opgedaan gedurende deze periode maken een diepe en blijvende indruk, welke uw hond zich het hele leven zal blijven herinneren, de goede en de slechte indrukken. Hoeveel u aan socialisatie doet of nalaat heeft directe weerslag in hoe uw hond zich ontwikkelt tot een evenwichtig, vriendelijk dier. U bent het aan uw hond verplicht om hier genoeg tijd voor vrij te maken. Het is niet moeilijk, maar het kost u tijd. Neem uw pup van jongs af aan zoveel mogelijk overal mee naar toe (autoritjes, kinderspeelplaats, enz). Leer uw hond alles, waarvan u denkt dat hij dat is zijn leven zal tegen komen of moet kennen. Alles wat de pup niet heeft leren kennen, zal hij later wantrouwen. Voor geen enkele hond is het goed om in een geïsoleerde omgeving of in kennels op te groeien. Of hele dagen alleen thuis te zijn omdat de baasjes werken of buitenaf op een flink stuk grond waar ze nooit vreemde mensen ontmoeten. Woont u in de stad, bezoek dan het platteland zodat hij koeien, schapen en eenden e.d. zal leren kennen. Reis met auto en openbaar vervoer. Er bestaan leuke puppenboeken die u hier meer over kunnen vertellen.

Wanneer uw pup nog niet volledig ingeënt is, wees dan voorzichtig met het in contact komen met uitlaatplaatsen, plekken waar veel ontlasting ligt van andere honden. Hierdoor bestaat een verhoogde kans op besmetting van ziekten. U kunt dus het beste de hondentoiletten ontwijken. Wen uzelf er aan vanaf het begin alle ontlasting van uw hond direct op te ruimen.
Veel honden zien is alleen maar goed en moet zelfs aangemoedigd worden. Alleen moet te allen tijde de nadruk liggen op het contact met de baas. De hond moet echter wel leren dat er veel andere honden rondlopen en dat de baas alles regelt, ook de contacten met andere honden. U als Baas bepaalt altijd wanneer er met een andere hond gespeeld mag worden. Zorg ervoor dat dit spelen alleen maar plaats vindt als de hond bekend is en een goed gedrag vertoont t.o.v. een pup. De baas heeft de zorg, dat de contacten rustig en goed verlopen en dat het hondje zich in eerste instantie op de baas richt. Dit heeft later o.a. grote voordelen bij het los-aan-de-lijn lopen.

De fokker kan u behulp zijn met een aantal opvoedingspunten die van belang zijn en u uitleggen hoe u o.a. de volgende aspecten dient aan te pakken. Hoe krijg ik mijn pup zindelijk Hoe pak ik de training aan met andere honden Hoe train ik mijn hond om alleen te zijn Hoe vang ik een onzeker hondje op Hoe ga ik verder met de socialisatie van mijn pup, zijn er nog aspecten waar ik extra bij deze pup op moet letten. Wat kan ik wel of moet ik niet doen met deze pup.

Normaal gesproken is een hond eerlijk en zal u niet om de tuin leiden. Wanneer het opvolgen van een bevel door de hond als prettig wordt ervaren (bijv. d.m.v. een beloning), dan zal de hond het bevel steeds sneller gaan opvolgen. Gebeurt het opvolgen van een bevel maar vaak genoeg, dan zal er gewoontevorming ontstaan. Wat de hond prettig vindt, zal hij gemakkelijk leren en wat hij niet prettig (bijv. geen beloning) vindt zal hij nalaten. De cursussen zijn er niet om uw hond alles perfect te leren. Tijdens de lessen leert u hoe u met uw hond om moet gaan. U leert als het ware hoe u op een verantwoorde “hondse” manier met elkaar om kunt gaan. U zult daar ook leren dat een hond het prettig vindt om een leider te hebben, en hoe u die taak op u behoort te nemen.

KINDEREN
Er zijn wel een aantal spelregels waar u op zou moeten letten. Bedenk ook dat niet alle honden even makkelijk met kinderen omgaan en niet alle kinderen zo voorbeeldig met honden omgaan. Bedenk ook, dat als er wat mis gaat dit niet aan kind of hond ligt maar aan U als ouder. U bent er verantwoordelijk voor dat het kind respect wordt bijgebracht voor de hond, en dat er geen confronterende situaties kunnen ontstaan. Besef dat een kind de lichaamstaal van een hond (nog) niet zal begrijpen en dus de waarschuwingen gegeven door de hond voorafgaande aan een verdedigende beet, niet (kunnen) herkennen.

Een aantal tips welke u aan kinderen kunt leren die oud genoeg zijn om dit te kunnen begrijpen: Leer de kinderen (ook b.v. buurtkinderen) dat ze:

* de hond altijd naar zich toe roepen, nooit er zelf op afgaan (rang lagere gaat altijd naar hang hoger toe)
* niet hard gillen, ruziën of wegrennen waar de hond bij is.
* de hond is zijn waarde laten (respect tonen voor), dus niet: aan een slapende hond te komen, niet te wild met hem te spelen, geen vingers in oren, ogen of neus te stoppen, niet proberen hem op te tillen, plagen / pesten, wakker schudden, uit mand trekken, aankleden, aan voerbak of kluif komen en ga zo maar door. Honden hebben behoefte aan rust en een “veilige slaapplaats”.
* geen onnodige of tegenstrijdige commando’s geven: 1x zeggen is genoeg, anders leert u de hond dat u het toch nog wel eens zegt, dus hoeft hij niet direct te luisteren.
* nooit een hond aanstaren
* niet op de grond naast de hond gaan liggen (of in de mand naast de hond), altijd hun gezicht hoger houden dan de kop van de hond.
* gezicht nooit te dichtbij de hond houden.
* hun speelgoed opruimen, dus geen kleine dingen rondlaten slingeren, waar de pup bij kan, hij zou zich lelijk kunnen verslikken.

Heeft u zulke jonge kinderen dat u ze dit nog niet duidelijk kunt maken, zorg dan dat u kind en hond nooit alleen laat. Voorkomen is beter dan genezen. Heeft u zelf geen kinderen, maar weet u dat uw hond in de toekomst (veel) in kontact komt met kinderen, leer uw hond dan vanaf pups aan, wat kinderen zijn. Ga eens een blokje rond langs de lagere school tijdens het schoolkwartier e.d. Laat een buurjongen of meisje de pup eens een brokje geven, zo leert uw hond dat kinderen leuk zijn, in plaats van iets engs. Ook hier geldt weer jong geleerd is oud gedaan.

Voor alle rassen geldt: Laat uw hond en kind nooit samen alleen.